Uitgangspunten

Algemeen

Alle activiteiten die ik onderneem worden ontplooid vanuit de gedachte dat ik een bijdrage wil leveren aan de gezondheid en ontwikkeling van de individuele mens. Diegene die gebruik maakt van mijn diensten staat centraal. Daarbij kijk ik steeds naar de totale mens. Dus naar het lichamelijke, het gevoelsleven en het geestelijke.

Geld

Omdat de ontwikkeling van de individuele mens voorop staat, mag geld nooit een bezwaar zijn om een passende en bewust gekozen weg in te slaan. Als iemand zeker weet dat hij met één van de hier aangeboden genees- of ontwikkelingsmogelijkheden aan het werk wil, maar het echt niet kan betalen, of maar een deel kan betalen dan kan daarover overlegd worden.
Schrijf, bel of stuur een e-mail.

De grondslag voor alle therapieën: het drie en viergeleed mensbeeld en de mens als geestelijk wezen.

Viergeleed

Als we naar een mens kijken, nemen we met onze ogen in eerste instantie waar dat iemand een lichaam heeft. Dat heeft die mens gemeen met alle andere levende wezens en voorwerpen in onze wereld. Dat noemen we een stoflichaam. Dat stoflichaam valt uiteen als wij sterven. Dus blijkbaar is er een oorzaak dat dat pas gebeurt als wij sterven en niet al daarvoor. De kracht die ervoor zorgt dat wij een levend, zichzelf in standhoudend en voedend organisme zijn, noemen we de levenskracht. Dat levenskrachtenlichaam hebben we gemeen met alle andere levende wezens op aarde: planten, dieren en mensen.

Er is echter een belangrijk verschil tussen planten enerzijds en mensen en dieren anderzijds. Mensen en dieren geven duidelijk blijk van allerlei gevoelens, begeerten, emoties, instincten enz. Planten doen dat niet. Planten groeien (het overgrote deel althans) op een plek. Het zijn organismen die vooral een groot oppervlak hebben (het bladeren-dek) waarmee ze zoveel mogelijk aanraking hebben met de buitenwereld. Dieren daarentegen hebben allemaal een binnenkant, een binnenruimte, hoe primitief dat dier dan ook is. Ze hebben een stukje afgeschut van die buitenwereld. En daarmee ontstaat ook het verschil tussen binnen en buiten. 
Dat verschil brengt ook de noodzaak van het hebben van zintuigen, ledematen enzovoort met zich mee.
Om de wereld buiten te kunnen waarnemen zijn zintuigen nodig. En die waarnemingen moeten "gebruikt" kunnen worden. Blijkbaar hangt dat samen met andere kwaliteiten zoals gevoel e.d.. De krachten die daarbij spelen, zouden we dus de gevoelskrachten of zielekrachten kunnen noemen; een zielelichaam.

De laatste geleding wordt zichtbaar als we mensen en dieren proberen te onderscheiden. We hebben veel gemeen met de dierenwereld, maar een heel groot verschil is de mate van bewustzijn. Ik spreek juist over de mate, omdat er natuurlijk vormen van bewustzijn waarneembaar zijn in de dierenwereld, met name bij wat we de hogere dieren noemen. Maar het zelfbewustzijn en het vermogen met verleden, heden en toekomst om te gaan door middel van herinnering en het opbouwen van toekomstbeelden door onze fantasie is uniek en onderscheidt ons van de dierenwereld. Aan deze eigenschappen kleven natuurlijk allerlei andere kwaliteiten en vermogens van de mensen die binnen het brede veld van psychologie en sociologie bestudeerd worden. Deze laatste kwaliteit zou je het bewustzijnslichaam kunnen noemen. Het is datgene waartegen wij "ik" zeggen. 
Dus we onderscheiden: 

Door op deze wijze naar de mens te kijken, krijg je bij genezingsprocessen een heel genuanceerd beeld van waar de problemen zich concentreren en wat je zou moeten doen om te helpen genezen.

Driegeleed

Als we elk van de hiervoor genoemde vier lichamen nader beschouwen, kunnen we daarin steeds drie elementen waarnemen. 
 Het stoflichaam laat zien dat het uit drie belangrijke gebieden is opgebouwd. Allereerst is daar het hoofd waarneembaar als een zelfstandige eenheid met daarbinnen zorgvuldig beschermd de hersenen - het centrum van het zenuwstelsel en de zintuigen. Daaronder nemen we de borstkas waar. Eveneens beschermt dit deel vitale organen, hart en longen. Als we kijken naar de manier waarop het hoofd en de borst beschermen, is dat totaal anders. Het hoofd is afgesloten. De hersenen "zweven" daarbinnen schokvrij. De hele constructie is zo dat alles er op gericht is de hersenen te vrijwaren van de invloed van de omringende wereld. De borstkas daarentegen is aan de onderzijde open, kan bewegen. Alles is er op ingesteld de ritmische bewegingen van hart en longen te ondersteunen. Er vindt een constante interactie plaats tussen binnen en buitenwereld. 

De rest van het lichaam vormt het derde deel. Het centrum daarvan wordt gevormd door de organen van de spijsvertering. De ledematen maken gebruik van de stoffen verworven door die organen. Dit hele systeem is er op gericht de buitenwereld (in de vorm van voeding) in zich op te nemen en vervolgens met de daaruit verworven krachten weer handelend in die buitenwereld op te treden.
Op lichaamsniveau vinden we dus:

Dat deze driegeleding niet absoluut is, mag duidelijk zijn. De bij het borstgebied behorende bloedsomloop loopt door het hele lichaam - het centrum ervan: het hart ligt in de borst. De met de hersenen en zintuigen verbonden zenuwen eveneens. En de ingang van de spijsvertering bevindt zich in het hoofd en loopt door het borstgebied. De armen verbonden met het ledematen-spijsverteringsstelsel bevinden zich aan de romp. 

Als we gaan kijken naar de levenskrachten dan vinden we daarin eveneens een driegeleding.
De meest pure uiting vinden we verbonden met het buikgebied. Daar wordt het levende principe zichtbaar. Uit de fysieke spijsvertering worden die krachten vrijgemaakt die ons in staat stellen levende mensen te zijn.
In het borstgebied vindt de uitwisseling tussen binnen en buitenwereld, tussen zuurstof en koolzuurgas plaats, daar klopt het hart, steeds reagerend op dat wat in ons lichaam plaatsvindt. De longen steeds weer reagerend op de harteklop.
In ons hoofd zijn we (in levenskrachtenzin) eigenlijk het meest dood. Daar wordt niets toegevoegd om ons levend te houden. Integendeel. Onze bewustzijns- en waarnemingsprocessen gebruiken levenskrachten, daarom zijn we aan het einde van de dag moe en moeten we slapen, zodat ons lichaam zich kan herstellen.

In het zielelichaam vinden we de volgende driegeleding:

Dat zijn de drie hoofdkwaliteiten van het gevoelslichaam. Natuurlijk zijn er veel meer gevoelens, emoties enz. Die hangen altijd met deze drie kwaliteiten samen. Ook hier zien we dat de lichamelijke driegeleding overeenkomt met die van de ziel.
Het denken is sterk verbonden met het hoofd en het zenuw-zintuigstelsel. Daarmee nemen we veel van de fysieke wereld waar en denken we over alles wat tot ons komt.
Het voelen is meer verbonden met het borstgebied. We spreken immers over iemand met een goed hart, of met zijn hart op de juiste plaats. Daar plaatsen we de zetel van onze liefde, maar ook boosheid, verdriet enz. De longen zijn verbonden met gedachten als, niet voldoende lucht of ruimte krijgen, de adem benomen worden door schrik, angst of verdriet, zuchten van verdriet enz.
Ons handelen is natuurlijk verbonden met onze ledematen, daarmee staan wij handelend in de wereld. Daarmee verbinden wij ons met andere mensen en zaken in de wereld.

De driegeleding van het bewustzijn is wat lastiger te beschrijven en gaat eigenlijk buiten het bestek van deze korte introductie. We begeven ons dan op het pad van de spirituele ontwikkeling.
Voor de volledigheid wil ik ze noemen.
 De pure geestelijke activiteiten (niet te verwarren met de zielekwaliteit van het dagelijkse denken) tonen zich in de scheppingsprocessen en de creativiteit van mensen. Mensen die scheppend werken hebben innerlijke beelden, voorstellingen, ideeën. Ze hebben inspiratie. En veel mensen "weten" allerlei dingen zonder dat er een aanwijzing is waardoor ze het weten. We spreken dan over intuïtie, aanvoelen, voorzien. 
Binnen het driegelede mensbeeld spreken we dan over die drie kwaliteiten als, imaginatie, intuïtie en inspiratie.

De mens als geestelijk wezen

Uit dit hele beeld komt een fundamenteel beeld naar voren. Namelijk dat een mens veel meer is dan een verzameling cellen, organen enz. De mens is een geestelijk wezen, met een ziel en een stoffelijk lichaam. Dat gegeven is zeer verstrekkend. Het betekent namelijk dat wij niet noodzakelijkerwijs beperkt zijn tot één leven op aarde, en daarmee moeten we de gedachte aan reïncarnatie, karma e.d. serieus nemen. Dit betekent voor het werken in de therapie dat op de achtergrond rekening gehouden moet worden met: dat wat de mens meedraagt diep in zijn wezen, dat er vraag naar wat de rode draad door dit leven is, wat wordt er ontwikkeld, welke zaken moeten worden opgelost. Allemaal fascinerende vragen die elk mens tot een volkomen uniek wezen maken, elke ontmoeting is weer anders.

De Moesmate 73
7206 AG Zutphen
tel: 0575-529870
Bunskamp 12
7942 HT Meppel
tel: 0522-247800
Design: Beeldzicht ©2011 Franc Müller
eXTReMe Tracker