Wat is autisme
In de reguliere zorg wordt autisme omschreven als een neurologische (hersenen en zenuwen) aandoening. Daarbij gaat men er vanuit dat de hersenen van deze mensen anders functioneren. Iets dat ik vanuit mijn eigen ervaring wel kan bevestigen. Er ontstaat geen of veel minder en andere samenhang tussen de dingen die wij allemaal waarnemen. Waar voor ons een tafel en een stoel een samenhang hebben, blijven dat voor de autist twee lossen elementen. Als zij iets doen en iemand reageert, geeft dat geen leerproces, maar wordt dat ervaren als twee los van elkaar staande dingen. Slechts hun eigen innerlijke emotiewereld is van belang.
Vaak zijn autistische mensen in staat tot het begrijpen van gesproken boodschappen. En zolang die boodschappen over concrete en letterlijke dingen gaan, kunnen ze dat meestal wel verwerken. Maar zodra er emotionele boodschappen worden gegeven of er grapjes gemaakt worden, sarcasme gebruikt wordt of het over abstracte dingen gaat, wordt het heel moeilijk voor hen.
De mensen die als autistisch worden gediagnosticeerd, hebben met elkaar gemeen dat ze allemaal:
- moeite hebben om contact te maken met andere mensen.
Dat uit zich vaak in het niet of maar beperkt oogcontact maken, non-verbale taal wordt niet of maar zeer beperkt gebruikt of begrepen, niet of beperkt spreken.- Daarbij zie je vaak al jong dat ze niet of maar beperkt een "normale" spelrelatie ontwikkelen met leeftijdgenootjes.
- een sterke behoefte hebben om alleen te zijn of in ieder geval met rust gelaten te worden, maar vaak ook tegelijkertijd behoefte hebben aan mensen in de buurt.
- moeite of een volkomen onvermogen om dat wat ze voelen en denken aan andere kenbaar te maken (soms spreken ze helemaal niet en soms als ze wel spreken, vinden ze het erg moeilijk om duidelijk te maken wat er in hem omgaat). Vaak is het plezier hebben met andere mensen afwezig.
- de neiging hebben tot repeterend gedrag, dus bepaald gedrag steeds herhalen en vaak is het gedrag op basis van die herhaling voorspelbaar.
- Veelal zie je dat er sprake is van herhaling van dezelfde woorden ook als de woorden niet van toepassing zijn, woorden of taal wordt op een gekke manier gebruikt.
- Vaak is er daarbij een sterke, niet functionele, obsessie voor bepaalde voorwerpen of delen daarvan.
Vaak is er behoefte aan het ritueel herhalen van bepaalde handelingen, het moet op een bepaalde manier op een bepaalde plek en tijd enzovoort. - Veel gezien is het herhalen van motorische bewegingen: het fladderen met de handen, dansen op de tenen (het op de tenen lopen is een klassiek autisme kenmerk), door de vingers kijken, draaien met handen of vingers, heen en weer wiegen met het lichaam, enzovoort.
- Vaak is er sprake van een vertraagde ontwikkeling en soms van een volledige stilstand.
Wat ik ook bij veel mensen gezien heb, is dat ze de neiging hebben tot object-gericht handelen. Dat wil zeggen dat ze de neiging hebben om mensen in hun omgeving (en vaak ook dieren) als dode voorwerpen te behandelen. Het lijkt alsof er voor hen geen verschil is tussen een steen, een tafel, een stoel en levende wezens.
Vaak heb je het gevoel dat zie je niet aankijken, maar door je heen, of langs je kijken. Veel mensen die als autistisch worden aangeduid vinden het moeilijk, of eng om een ander mens aan te kijken.
Het is dus vaak moeilijk om enige vorm van contact met deze mensen te krijgen. Als er al gebruikgemaakt wordt van de spraak, is de manier waarop deze mensen spraak gebruiken heel karakteristiek. Er zijn een aantal variaties:
- De eerste variatie is dat de spraak echoënd is. Alles wat tegen hen gezegd wordt, herhalen ze dan steeds een of meerdere malen. Een weerwoord of een antwoord komt pas na een aantal herhalingen of in het geheel niet.
- De tweede variatie (die heel goed samen kan gaan met de eerste) is dat de spraak vaak vlak is, vrij monotoon zonder veel variatie. Daarbij wordt over het algemeen dat wat gezegd wordt heel letterlijk genomen en aan de specifieke situatie gekoppeld. Het lijkt alsof ze elke nieuwe interactie, elk contact met andere mensen beleven als volkomen nieuw. Het is alsof elk contact los staat van de voorgaande situaties. Daardoor is het voor ouders of huisgenoten heel lastig om met deze mensen samen te leven. Alles wat wij, als niet autisten, als vanzelfsprekend beschouwen, is dat voor de autistische mens vaak niet. Ouders met een autistisch kind moeten alles steeds opnieuw uitleggen en handelingen elke keer weer herhalen, opdrachten steeds weer opnieuw geven, voordat na zeer lange tijd iets beklijft.
- De derde variatie is dat ze de neiging hebben om een stortvloed van zinnen te maken. Ze kunnen dan, vaak van het ene onderwerp naar het andere springen en een heel verhaal maken waar niet tussen te komen is. Het gaat maar door. En als ze onderbroken worden, kunnen ze daar heel boos van worden. Daarbij heb ik ook vaak gezien dat ze dit soort aan elkaar gebreide zinnen ook maken als ze alleen zijn. Ze kunnen hele monologen tegen zichzelf houden.
Wat ik in mijn werk met autistische mensen heb gezien, is dat ze zeer sterk in hun eigen wereld leven en eigenlijk geen, of zeer weinig, behoefte hebben aan de buitenwereld. Ze hebben een sterk fantasieleven en hebben daar vaak genoeg aan. Het lijkt heel sterk alsof ze die eigen innerlijke fantasiewereld verkiezen boven de harde werkelijkheid buiten hen. En doordat er geen of weinig interactie is met de wereld om hen heen, ontwikkelt de persoonlijkheid zich niet of nauwelijks. Die blijft vaak in een jong, kinderlijk, stadium steken. Uiteraard afhankelijk van de mate van autisme die de mens heeft.
Omdat ze zo sterk in hun eigen wereld leven en vaak behoefte hebben aan een veilige omgeving, is er vaak een sterke aversie tegen elke vorm van verandering en alles wat de routine doorbreekt. Die veranderingen, die zo bij het gewone leven horen, maakt hen onzeker en dat vinden ze heel vervelend.
Dat is de reden dat veel van deze mensen graag vaste patronen hebben, op het rituele af, dat ze vaak hetzelfde willen eten, dat bewegingen en spraakpatronen zich herhalen en dat ze de neiging hebben dat wat ze wel zien en tot hen doordringt almaar te herhalen. Dus steeds hetzelfde liedje willen horen of zingen, hetzelfde verhaal willen horen of lezen, dezelfde film etc.
Daarbij zie je vaak dat ze een of twee aspecten uit het leven eruit lichten en daar soms uitzonderlijke vaardigheden of talenten aan het licht brengen. Zo heb ik eens een autistische jongeman ontmoet die het complete spoorboekje uit zijn hoofd kende, alle postcodes wist en dat ook van iedereen onthield. Hij woonde in een instituut 150 km bij mijn woonhuis vandaan en wist mij ook perfect te vertellen welke trein ik moest hebben en hoe lang het zou duren voordat ik bij hem zou aankomen. Verder had hij geen enkele interesse in mij als mens, ik was slechts één van de variabele objecten in zijn kenniswereld van postcodes en treintijden.
Ook het spel van het jonge kind is opmerkelijk. Vaak is er helemaal geen spel of is het spel dat er wel is, is heel stereotiep en vaak doen ze andere kinderen alleen maar na. Zeker als ze wat ouder worden ( kleuterleeftijd en ouder). Meestal zie je, als er meerdere jonge kinderen samen zijn, dat ze als ze heel jong zijn eerst naast elkaar spelen en later steeds meer samen gaan spelen met de anderen. Het autistische kind zal meestal niet tot samenspel komen en soms blijft ook het spelen naast elkaar achterwege.